De plaats van het centrale gedeelte van LOFAR is bepalend voor de plaats van de vele kleine buitenstations die verspreid worden over Noord-Nederland. Na intensief onderzoek is gekozen voor een locatie voor het centrale LOFAR gebied (400 ha) in de gemeente Borger-Odoorn ten oosten van de Hondsrug in het overgangsgebied naar de Veenkoloniën.
De antennes en andere sensoren worden geplaatst op minstens 18 velden van ca. 2 ha, die verspreid liggen in het centrale LOFAR gebied. Het grootste deel van het areaal wordt dus niet voor LOFAR sensoren gebruikt. Door ASTRON is gezocht naar een zinvol gebruik van het niet gebruikte areaal. Nu wil het geval dat het centrale LOFAR gebied doorsneden wordt door het Achterste Diep, een kanaliseerde bovenloop van de Hunze, die onderdeel uitmaakt van de Ecologische Hoofdstructuur (EHS), terwijl in het westen het gebied grenst aan het natuurontwikkelingsgebied Uilenbroeken.
Reden waarom ASTRON samen met de Stichting het Drentse Landschap een integraal inrichtings- en beheersplan heeft opgesteld voor een groot aaneengesloten gebied waar natuurontwikkeling en LOFAR uitstekend tot hun recht kunnen komen. Bij de projectie van de antennevelden is rekening gehouden met de wens om de oude meanders van het Achterste Diep te herstellen. Het plan wordt door ASTRON en LOFAR in samenwerking met andere instanties (Provincie Drenthe, Stichting het Drents Landschap, Waterschap Hunze en Aa's) uitgevoerd en zal resulteren in een natuurgebied waarin de sensorvelden op kunstmatig opgehoogde terpen worden gebouwd. Het unieke gebied wordt op gepaste wijze toegankelijk gemaakt voor toeristen.
Routebeschrijving naar het LOFAR testveld in Exloo, het centrale gedeelte van LOFAR
De buitenstations (ieder ca 2-3 ha) zijn verspreid over de noordelijke provincies van Nederland. De plaats van deze stations wordt zo gekozen dat LOFAR de beste kwaliteit beelden van de hemel kan maken. Voor ieder van deze stations wordt een aparte planologische procedure gevolgd, inclusief bezwaren- en inspraakmogelijkheden.
Een buitenstation moet redelijk geïsoleerd liggen, niet dicht bij (toekomstige) bebouwing, niet in de buurt van drukke verkeerswegen en hoogspanningsleidingen en op enige afstand van bos. ASTRON streeft er naar in goed overleg met mensen in de buurt te komen tot een goede locatiekeuze en inrichting van het veld. Inmiddels zijn veel van de locaties voor buitenstations in beeld.
Ten behoeve van de planologische procedures is er archeologisch en ecologisch onderzoek gedaan en zijn er informatieavonden gehouden.